Vlieger
Gegeven zijn voor
de punten
,
,
en
.
Vierhoek
is een vlieger. In figuur 1 is de vlieger getekend voor
.

De middelloodlijn van een lijnstuk gaat door het midden van dat lijnstuk en staat loodrecht op dat lijnstuk. Voor
gaat de middelloodlijn van lijnstuk
niet door
.
Opdracht 16: (5 punten)
Bereken exact voor welke waarde van
de middelloodlijn van lijnstuk
wél door
gaat.
Aanpak:
Als we de vraag van boven naar beneden doorlezen, is het eerste onbekende wat geïntroduceerd wordt de middelloodlijn. We gaan dus als eerste daarvan de formule opstellen. Let op dat dit in het algemeen moet (dus niet voor
). De regel op het examen is dat je nooit de voorbeelden die ze voor letters geven in de tekst moet gebruiken, tenzij in de opdracht expliciet staat dat je het voor die waarde van
mag berekenen. Hier staat juist het tegenovergestelde expliciet – namelijk dat het juist niet geldt voor
.
Voor het opstellen van de middelloodlijn zet je de volgende stappen:
- Je berekent het midden van
en
. - Je berekent de richtingscoëfficiënt van
. - Je berekent de richtingscoëfficiënt van de middelloodlijn (loodrecht op
). - Je stelt de formule op.
Vervolgens moet je nagaan voor welke waarde van
deze lijn door het punt
heengaat. Hiervoor vul je het punt
in de formule in en los je op voor welke waarde van
deze vergelijking klopt.
Overigens zijn er bij deze vraag genoeg alternatieve oplossingen. Ik heb twee van deze oplossingen toegevoegd waarbij je kijkt voor welke waarde van
de lijnen
en
(met
het midden van
) loodrecht op elkaar staan toegevoegd.
Uitwerking met middelloodlijn van de vorm 
- Het midden van
en
is
. 
De richtingscoëfficiënt van de middelloodlijn is
.- De formule van de middelloodlijn is dus
. - Als we
invullen in deze formule krijgen we
. 



(want
en daarom voldoet
niet).
Uitwerking met middelloodlijn van de vorm 
- Het midden van
en
is
. 
De richtingscoëfficiënt van de middelloodlijn is
.- Voor de formule van de middelloodlijn geldt:

geeft
. - Als we punt
invullen in deze formule krijgen we
.
.
.



(want
en daarom voldoet
niet).
Uitwerking met 
- Het midden van
en
is
. 

geeft 


(want
en daarom voldoet
niet).
Uitwerking met inproduct = 0
- Het midden van
en
is
. 

geeft 




(want
en daarom voldoet
niet).
In de hoekpunten van de vlieger bevinden zich puntmassa’s:
- in punt
met gewicht 2; - in zowel
als
met gewicht 1; - in punt
met gewicht
.
In figuur 2 zijn de vlieger, de puntmassa’s en het zwaartepunt
getekend voor het geval
.
In figuur 3 zijn de vlieger, de puntmassa’s en het zwaartepunt
getekend voor het geval
.

Wanneer
groter wordt, verschuift het punt
over de
-as omhoog en neemt het gewicht in
toe. Ook het zwaartepunt
van de vier puntmassa ’s verandert dan van plaats. Wanneer
onbegrensd toeneemt, nadert het zwaartepunt
tot een vast punt
.
Opdracht 17: (4 punten)
Bewijs dat de
-coördinaat van dat punt
gelijk is aan 1.
Aanpak:
We moeten hier het zwaartepunt berekenen (weer in het algemeen voor
en niet voor de voorbeelden
of
. Die zijn alleen ter illustratie).
Zodra we het zwaartepunt uitgedrukt hebben in
staat er in de opdracht dat we moeten berekenen wat de
-waarde van het zwaartepunt wordt als de waarde van
onbegrensd toeneemt. Bij limieten hebben we geleerd dat dan gevraagd wordt naar
. Die waarde bereken je dus. Let er daarbij op dat je de limiet pas mag weghalen als nergens meer oneindig gedeeld door oneindig staat.
Uitwerking:
- De totale massa is





