Goniometrie (HAVO 5 wis B)

Sinus

Op het domein [-\frac{8}{7}, \frac{8}{7}] wordt de functie f gegeven door f(x)=3\sin(\pi x). De lijn l is de lijn met vergelijking y=\frac{3}{2}. Lijn l snijdt de grafiek van f in de punten P en Q. Zie figuur 1.

Opdracht 1: (3 punten)
Bereken exact de x-coördinaten van P en Q.

Aanpak:

P en Q zijn snijpunten van f en l. We moeten dus 3\sin(\pi x)=\frac{3}{2} oplossen. Na het oplossen zijn de eerste twee positieve antwoorden de gevraagde x-coördinaten.

Uitwerking:
  • 3\sin(\pi x)=\frac{3}{2}
    \sin(\pi x)=\frac{1}{2}
  • \pi x = \frac{1}{6}\pi +k\cdot 2\pi \vee \pi x = \frac{5}{6}\pi +k\cdot 2\pi
  • x = \frac{1}{6} + 2k \vee x=\frac{5}{6} + 2k
    Dus x_P=\frac{1}{6} en x_Q=\frac{5}{6}

De grafiek van f snijdt de positieve x-as in het punt A. De grafiek van f heeft een top rechts van de y-as. Dit is punt T. De punten A en T zijn in figuur 2 aangegeven.

Er bestaat één derdegraadsfunctie g waarvoor geldt:

  • het functievoorschrift is van de vorm g(x)=ax^3+bx én
  • de grafiek gaat door A en T.

De grafiek van g is gestippeld getekend in figuur 2.

Uit bovenstaande gegevens volgt: a+b=0 en \frac{1}{8}a+\frac{1}{2}b=3.

Opdracht 2: (4 punten)
Toon dit aan.

Aanpak:

In de tekst wordt eerst het punt A geïntroduceerd. Dat is het snijpunt van f met de x. Deze kun je dus berekenen met f(x)=0. Sneller is echter om je te realiseren dat het punt A een halve periode na x=0 zit. Dit geeft je direct het x-coördinaat van A.

Vervolgens wordt T geïntroduceerd. Het y-coördinaat van T kun je berekenen met evenwichtsstand plus amplitude (want het is een maximum). Vervolgens kun je het x-coördinaat berekenen met dat het maximum na een kwart periode zit.

Tot slot kunnen we deze punten in de formule invullen om de vergelijkingen te krijgen om a en b te berekenen.

Uitwerking:
  • De periode is \frac{2\pi}{\pi}=2.
  • A is na een halve periode. Er geldt dus x_A=\frac{1}{2}\cdot 2=1 en dus A(1,0).
  • De amplitude van f is 3.
    T zit na een kwart periode. Het x-coördinaat is x_T=\frac{1}{4}\cdot 2=\frac{1}{2}.
  • A(1,0) invullen in g(x)=ax^3+bx geeft a+b=0
    T(\frac{1}{2},3) invullen in g(x) geeft \frac{1}{8}a+\frac{1}{2}b=3

Alternatieve uitwerking:
  • 3\sin(\pi x)=0
    \sin(\pi x)=0
  • \pi x = k\cdot \pi
    x=k
    k=1 geeft x_A =1 en dus A(1,0)
  • De amplitude is 3, dus y_T=3.
    3\sin(\pi x)=3
    \sin(\pi x)=1
    \pi x = \frac{1}{2}\pi +k\cdot 2\pi
    x=\frac{1}{2}+k\cdot 2
    Dus T(\frac{1}{2},3)
  • A(1,0) invullen in g(x)=ax^3+bx geeft a+b=0
    T(\frac{1}{2},3) invullen in g(x) geeft \frac{1}{8}a+\frac{1}{2}b=3

Opdracht 3: (3 punten)
Bereken exact de waarden van a en b.

Aanpak:

We moeten het stelsel \left.\begin{matrix}\frac{1}{8}a+\frac{1}{2}b=3\\ a+b=0\end{matrix}\right\} oplossen. Dat kan door bij de onderste vergelijking a vrij te maken en die dan te substitueren in \frac{1}{8}a+\frac{1}{2}b=3.

Uitwerking:
  • a+b=0 geeft a=-b
  • \left.\begin{matrix}\frac{1}{8}a+\frac{1}{2}b=3\\ a=-b\end{matrix}\right\} \frac{1}{8}\cdot -b+\frac{1}{2}b=3
  • \frac{3}{8}b=3
  • b=8
  • \left.\begin{matrix}a=-b\\ b=8\end{matrix}\right\} a=-8
    Conclusie a=-8 met b=8