Absolute waarde (VWO 6 wis B)

Door de asymptoot

Voor x>\frac{1}{2} is de functie f gegeven door f(x)=\ln(\frac{2x-1}{x+2}).
De functie g is de inverse van f.
In figuur 1 zijn de grafieken van f en g getekend.

Er geldt: g(x)=\frac{1+2e^x}{2-e^x}.

Opdracht 14: (4 punten)
Bewijs dit.

Aanpak:

Er zijn vier manieren om zo’n inverse aan te tonen:

  1. Je kunt de inverse van f berekenen door in f(x) de x en y te verwisselen en dan y vrij te maken. Als dit g(x) is, is g de inverse van f.
  2. Je kunt ook de inverse van g berekenen door in g(x) de x en y te verwisselen en dan y vrij te maken. Als dit f(x) is, zijn g en f ook elkaars inverse.
  3. Een andere manier om aan te tonen dat f en g elkaars inverse zijn, is om aan te tonen dat f(g(x))=x (want dan maakt de functie f hetgeen wat functie g doet ongedaan).
  4. Hetzelfde idee als bij 3 kun je ook doen, door g(f(x))=x aan te tonen.

Mijn advies zou zijn om de methode van de eerste twee punten goed te leren. Daarmee kun je op het examen namelijk alle inverse-vragen beantwoorden (ook als de inverse niet gegeven is).

Uitwerking met inverse van f bepalen:
  • Voor de inverse van f geldt x=\ln(\frac{2y-1}{y+2})
  • e^x=\frac{2y-1}{y+2}
  • Kruiselings vermenigvuldigen geeft e^xy+2e^x=2y-1
    1+2e^x=2y-e^xy
    y buiten haakjes halen, geeft (2-e^x)y=1+2e^x
  • y=\frac{1+2e^x}{2-e^x}
    Conclusie: g(x)=\frac{1+2e^x}{2-e^x} is de inverse van f.

Uitwerking met inverse van g bepalen:
  • Voor de inverse van g geldt x=\frac{1+2e^y}{2-e^y}
  • Kruiselings vermenigvuldigen geeft 2x-xe^y=1+2e^y
    2x-1=xe^y+2e^y
    e^y buiten haakjes halen, geeft (x+2)e^y=2x-1
  • e^y=\frac{2x-1}{x+2}
    y=\ln(\frac{2x-1}{x+2})
    Conclusie: f(x)=\ln(\frac{2x-1}{x+2}) is de inverse van g. Er geldt daarom ook dat g de inverse is van f.

Uitwerking met g(f(x))=x:
  • g(f(x))=\frac{1+2e^{\ln(\frac{2x-1}{x+2})}}{2-e^{\ln(\frac{2x-1}{x+2})}}
  • Met de rekenregel e^{\ln(A)}=A krijgen we:
    g(f(x))=\frac{1+2(\frac{2x-1}{x+2})}{2-(\frac{2x-1}{x+2})}
  • teller en noemer vermenigvuldigen met x+2 geeft:
    g(f(x))=\frac{x+2+2(2x-1)}{2(x+2)-(2x-1)}
    g(f(x))=\frac{x+2+4x-2}{2x+4-2x+1}
  • g(f(x))=\frac{5x}{5}=x
    Conclusie: Aangezien g(f(x))=x geldt dat g de inverse is van f.

Uitwerking met f(g(x))=x:
  • f(g(x))=\ln(\frac{2(\frac{1+2e^x}{2-e^x})-1}{\frac{1+2e^x}{2-e^x}+2})
  • Teller en noemer vermenigvuldigen met 2-e^x geeft:
    f(g(x))=\ln(\frac{2(1+2e^x)-1(2-e^x)}{1+2e^x+2(2-e^x)})
    f(g(x))=\ln(\frac{2+4e^x-2+e^x)}{1+2e^x+4-2e^x)})
  • f(g(x))=\ln(\frac{5e^x}{5})
    f(g(x))=\ln(e^x)
  • Met de rekenregel e^{\ln(A)}=A krijgen we:
    f(g(x))=x
    Conclusie: Aangezien f(g(x))=x geldt dat g de inverse is van f.

De functie h is gegeven door h(x)=\left| f(x)\right|.
In figuur 2 is de grafiek van h getekend. De grafiek van h heeft een horizontale asymptoot. Deze is in de figuur gestippeld weergegeven.

De grafiek van h snijdt de horizontale asymptoot in het punt A.

Opdracht 15: (5 punten)
Bereken exact de x-coördinaat van A.

Aanpak:

In het plaatje zien we dat de asymptoot aan de rechterkant van de grafiek zit. We moeten dus \lim_{x\rightarrow\infty}h(x) berekenen. We hebben geleerd dat we zo’n limiet moeten versimpelen, totdat er nergens meer \frac{0}{0} of oneindig uitkomt. Dat doen we hier door teller en noemer door x te delen. Vervolgens kunnen we de limiet berekenen met de kennis dat \lim_{x\rightarrow\infty}\frac{1}{x}=0.

Als je bovenstaande goed gedaan hebt, krijg je als asymptoot y=\ln(2). In het vervolg van de opgave moeten we dus h(x)=\ln(2) oplossen. Hiervoor werken we eerst de absolute waarde weg met de rekenregel dat |A|=B als oplossingen A=B\vee A=-B heeft.

Vervolgens willen we beide vergelijkingen omschrijven naar \ln(A)=\ln(B) (want dan kunnen we de \ln aan beide kanten weglaten). Hiervoor moeten we de min voor de \ln(2) wegwerken. Dat kan met de rekenregel c\cdot \ln(x)=\ln(x^c) (en dus in het bijzonder -\ln(2)=\ln(2^{-1})).

Uitwerking via asymptoot breuk:
  • \displaystyle\lim_{x\rightarrow\infty}\left|\ln(\frac{2x-1}{x+2})\right| =\lim_{x\rightarrow\infty}\left|\ln(\frac{2-\frac{1}{x}}{1+\frac{2}{x}}) \right| =\left|\ln(2)\right|=\ln(2)
    Er geldt daarom dat de asymptoot y=\ln(2) is.
  • h(x)=\ln(2) geeft \left|\ln(\frac{2x-1}{x+2})\right|=\ln(2)
    \ln(\frac{2x-1}{x+2})=\ln(2)\vee \ln(\frac{2x-1}{x+2})=-\ln(2)
  • \ln(\frac{2x-1}{x+2})=\ln(2)\vee \ln(\frac{2x-1}{x+2})=\ln(\frac{1}{2})
    \frac{2x-1}{x+2}=2\vee \frac{2x-1}{x+2}=\frac{1}{2}
  • Kruiselings vermenigvuldigen geeft:
    2x-1=2x+4\vee 4x-2=x+2
  • 0=5\vee 3x=4
    x=\frac{4}{3}
    Conclusie: Het x-coördinaat van A is \frac{4}{3}.

Uitwerking via asymptoot g:
  • Voor de verticale asymptoot van g geldt:
    2-e^x=0
    e^x=2
    x=\ln(2)
    f(x) is de inverse van g. De horizontale asymptoot van f is daarom y=\ln(2).
    De horizontale asymptoot van h(x)=\left|f(x)\right| is daarom ook y=\ln(2).
  • h(x)=\ln(2) geeft \left|\ln(\frac{2x-1}{x+2})\right|=\ln(2)
    \ln(\frac{2x-1}{x+2})=\ln(2)\vee \ln(\frac{2x-1}{x+2})=-\ln(2)
  • \ln(\frac{2x-1}{x+2})=\ln(2)\vee \ln(\frac{2x-1}{x+2})=\ln(\frac{1}{2})
    \frac{2x-1}{x+2}=2\vee \frac{2x-1}{x+2}=\frac{1}{2}
  • Kruiselings vermenigvuldigen geeft:
    2x-1=2x+4\vee 4x-2=x+2
  • 0=5\vee 3x=4
    x=\frac{4}{3}
    Conclusie: Het x-coördinaat van A is \frac{4}{3}.