Absolute waarde (VWO 6 wis B)

Drie keer over de lijn

Voor x\geq 0 en a>1\frac{1}{2} wordt de functie f_a gegeven door:

f_a(x)=\left| a-x^2\right| \cdot x+3x

De grafiek van f_a heeft een knik met x-coördinaat \sqrt{a}. Deze knik verdeelt de grafiek van f_a in twee delen. Links van deze knik bevindt zich een top van de grafiek van f_a.

De y-coördinaat van deze top is te schrijven als:

y_{\text{top}}=2(\frac{1}{3}a+1)\sqrt{\frac{1}{3}a+1}

Opdracht 14: (5 punten)
Bewijs dit.

Aanpak:

Bij vragen met absolute waarden is de eerste stap altijd om te kijken of we |A| moeten vervangen door (A) of -(A). Hier zit de top links van het knikpunt. Daar geldt dat a-x^2 positief is en dus geldt daar |a-x^2|=a-x^2.

Zodra we op deze manier de functie hebben omgeschreven tot f_{\text{links}}(x)=(a-x^2)x+3x kunnen we de rest van de vraag beantwoorden. We moeten een y-coördinaat van de top berekenen. Daarvoor berekenen we eerst x_{\text{top}} met f'(x)=0. Vervolgens berekenen we y_{\text{top}} = f(x_{\text{top}}. Let er daarbij op dat het slim is om de x_{\text{top}} in te vullen in een versie van f(x) waarbij je de absolute waarde al hebt weggewerkt.

Uitwerking met substitueren in f_{\text{links}}(x)=(a-x^2)x+3x:
  • Links van de knik geldt a-x^2>0. Daar wordt f_{\text{links}}(x)=(a-x^2)x+3x
    f_{\text{links}}(x)=ax-x^3+3x
  • f_{\text{links}}'(x)=a-3x^2+3
  • f_{\text{links}}'(x)=0 geeft a-3x^2+3=0
    -3x^2=-a-3
    x^2=\frac{1}{3}a+1
    x=\sqrt{\frac{1}{3}a+1} (want x=-\sqrt{\frac{1}{3}a+1} voldoet niet, want x>0)
  • y_{\text{top}}=f_{\text{links}}(\sqrt{\frac{1}{3}a+1})=(a-(\sqrt{\frac{1}{3}a-1})^2)\sqrt{\frac{1}{3}a+1}+3\sqrt{\frac{1}{3}a+1}
  • y_{\text{top}}=(a-(\frac{1}{3}a+1))\sqrt{\frac{1}{3}a+1}+3\sqrt{\frac{1}{3}a+1}
    y_{\text{top}}=(\frac{2}{3}a-1)\sqrt{\frac{1}{3}a+1}+3\sqrt{\frac{1}{3}a+1}
    y_{\text{top}}=(\frac{2}{3}a+2)\sqrt{\frac{1}{3}a+1}
    y_{\text{top}}=2(\frac{1}{3}a+1)\sqrt{\frac{1}{3}a+1}

Uitwerking met substitueren in f_{\text{links}}(x)=ax-x^3+3x:
  • Links van de knik geldt a-x^2>0. Daar wordt f_{\text{links}}(x)=(a-x^2)x+3x
    f_{\text{links}}(x)=ax-x^3+3x
  • f_{\text{links}}'(x)=a-3x^2+3
  • f_{\text{links}}'(x)=0 geeft a-3x^2+3=0
    -3x^2=-a-3
    x^2=\frac{1}{3}a+1
    x=\sqrt{\frac{1}{3}a+1} (want x=-\sqrt{\frac{1}{3}a+1} voldoet niet, want x>0)
  • y_{\text{top}}=f_{\text{links}}(\sqrt{\frac{1}{3}a+1})=a\sqrt{\frac{1}{3}a+1}-(\sqrt{\frac{1}{3}a+1})^3+3\sqrt{\frac{1}{3}a+1}
  • y_{\text{top}}=f_{\text{links}}(\sqrt{\frac{1}{3}a+1})=a\sqrt{\frac{1}{3}a+1}-(\sqrt{\frac{1}{3}a+1})^2\sqrt{\frac{1}{3}a+1}+3\sqrt{\frac{1}{3}a+1}
    y_{\text{top}}=f_{\text{links}}(\sqrt{\frac{1}{3}a+1})=a\sqrt{\frac{1}{3}a+1}-(\frac{1}{3}a+1)\sqrt{\frac{1}{3}a+1}+3\sqrt{\frac{1}{3}a+1}
    y_{\text{top}}=\frac{2}{3}a\sqrt{\frac{1}{3}a+1}+2\sqrt{\frac{1}{3}a+1}
    y_{\text{top}}=(\frac{2}{3}a+2)\sqrt{\frac{1}{3}a+1}
    y_{\text{top}}=2(\frac{1}{3}a+1)\sqrt{\frac{1}{3}a+1}

In de figuur zijn de grafieken van f_8, f_{20} en f_{32} en de lijn l met vergelijking y=16 weergegeven.

Als a toeneemt, neemt de y-coördinaat 2(\frac{1}{3}a+1)\sqrt{\frac{1}{3}a+1 van de top toe. Ook de y-coördinaat f_a(\sqrt{a}) van de knik neemt dan toe.
Het aantal gemeenschappelijke punten van de grafiek van f_a en lijn l hangt af van deze y-coördinaten. Zo snijden de grafiek van f_8 en lijn l elkaar in één punt. De grafiek van f_{20} snijdt lijn l in drie punten en de grafiek van f_{32} snijdt lijn l in één punt.
De waarden van a waarvoor de grafiek van f_a en lijn l drie snijpunten hebben, vormen een interval.

Opdracht 15: (5 punten)
Bereken exact dit interval.

Aanpak:

In de plaatjes zien we dat er drie snijpunten zijn als de top boven de lijn y=16 ligt en tegelijk het knikpunt onder de lijn y=16 zit. Om te weten waar dat gebeurt, lossen we eerst de vergelijkingen y_{\text{top}}=16 en y_{\text{knikpunt}}=16 op. Met behulp van de gegeven schetsjes zien we dan dat alle waarden van x tussen deze twee oplossingen het antwoord op de vraag vormen.

Een paar opmerkingen:

  • Het x-coördinaat van het buigpunt staat in de tekst. Die hoef je dus niet te berekenen.
  • Je krijgt bij y_{\text{top}} iets van de vorm A\sqrt{A}. We hebben geleerd dat het handig is om dat te herschrijven als A\cdot A^{\frac{1}{2}}=A^{1\frac{1}{2}}. Let er echter wel op dat de notatie \sqrt[1\frac{1}{2}]{8} niet bestaat. Je moet A^{1\frac{1}{2}}=8 daarom eerst kwadrateren voordat je een hogeremachtswortel neemt.

Uitwerking:
  • y_{\text{top}}=16 geeft 2(\frac{1}{3}a+1)\sqrt{\frac{1}{3}a+1}=16
    (\frac{1}{3}a+1)\sqrt{\frac{1}{3}a+1}=8
    Kwadrateren geeft (\frac{1}{3}a+1)^3=64
  • \frac{1}{3}a+1=4
    \frac{1}{3}a=3
    a=9
  • y_{\text{knikpunt}}=f_a(\sqrt{a})=\left| 0\right| \cdot \sqrt{a}+3\sqrt{a}=3\sqrt{a}
  • y_{\text{knikpunt}}=16 geeft 3\sqrt{a}=16
    \sqrt{a}=\frac{16}{3}
    a=\frac{256}{9}
  • In de plaatjes zien we dat moet gelden y_{\text{top}}>16 en y_{\text{knikpunt}}<16. Dat geeft 9<a<\frac{256}{9}.